Tactiek: de juiste zetten zoeken en vinden (2)

Stelling 1

Carsten Hansen plaatst vrijwel dagelijks nieuwe tactische opgaven in zijn facebookgroep ‘Winning quickly at chess’. De opgaven zijn over het algemeen van recente toernooien. En ze zijn pittig.

Gisteren schreef ik een lange blog over het vinden van kandidaatzetten. De aanleiding daarvoor was een les die ik de dag ervoor in een online training aan een stap 4/4+ groep had gegeven. De methode is simpel, kijk eerst zonder te oordelen naar:

  1. Schaakzetten (en/of schaak en slaan)
  2. Slaan
  3. Dreigingen

Iemand vertelde mij de dag er na dat deze methode nogal bewerkelijk is en daarom niet aan te raden. Iedereen heeft natuurlijk zijn eigen voorkeuren. Dat je naar meerdere zetten zou moeten kijken is inderdaad een bezwaar. Maar het is tegelijkertijd ook het grote voordeel van deze methode. De kans dat je iets over het hoofd ziet (een van mijn hardnekkige schaakkwaaltjes) neemt daardoor zienderogen af.

Eigen advies in de wind slaan

Ik ging aan de slag met de stelling 1 en vergat prompt mijn eigen aanbeveling. Na een tijdje nadenken kwam ik met een ingenieuze variant. Tenminste zo lijkt het. Zullen wij even kijken: (verder lezen)

Lees meer »

Schaakopgave 2: de verdediging uitschakelen

Een geslaagde aanval op de koning komt zelden of nooit uit de lucht vallen. Om met succes te kunnen toeslaan moet je een zeker overwicht hebben. Dat is in het diagram rechts zeker het geval.

Zwart heeft een extra pion, maar daar heeft hij niets aan. Wit beheerst de open e-lijn en de toren kijkt gevaarlijk uit over de zevende rij. Ook de andere witte stukken nemen betere posities in dan de zwarte. Vergelijk de toren op a8 eens met die op e7!

Tel daarbij op dat er zich slechts één verdediger in de buurt van de zwarte monarch ophoudt en je voelt wel aan dat er ‘iets’ in zit. Wat is de beste zet voor wit? Oplossing…

 

 

Een avontuur dat verkeerd afloopt

Is het verstandig om pionnetjes te snoepen in de opening? Er zijn talloze openingsvarianten waarin een van beide partijen verleidt wordt om een pionnetje te verschalken. Een hele bekende is natuurlijk de vergiftigde pion die zwart kan oppeuzelen in de Najdorf variant van het Siciliaans.

De beroemdste voorbeelden komen, denk ik, uit de match tussen Fischer en Spassky (1972). Daar kwam deze variant tweemaal op het bord. De eerste keer (7e matchpartij) ging het nog goed voor Fischer, maar de tweede keer (11e matchpartij) moest Fischer het onderspit delven.

Overigens is over deze variant het laatste woord nog steeds niet gezegd. Voorzover ik weet gaat het vele zetten diep en is de huidige stand van zaken dat bij goed spel van beide kanten de partij in remise eindigt. Ik bemoei me niet met dat soort geheugenspelletjes.

Zelf liep ik tijdens het analyseren van een partij tegen een hele andere vorm van een pion aan die de witspeler beter niet had aangepakt. Zie de stelling. Zwart speelt en wint. Oplossing.