Deze puzzel zou 300 ratingpunten onder mijn standaardniveau (bij puzzels op Lichess) moeten zitten. Dus had ik hem snel moeten oplossen. Helaas was dit niet het geval. Ik keek, zocht, zocht nog meer en deed uiteindelijk een voor de hand liggende zet. Die was fout! Er volgden nog meer fouten. Ik was als een kip zonder kop bezig. Wat ging er mis?
Lees meer »Schaakpuzzel 81 – even rekenen
Zwart is aan zet. Het ziet er niet best uit vanwege de penning van de loper door de toren. Is er nog iets aan te doen?
Lees meer »In de schijnwerpers: GM Ivan Sokolov

Foto door Harry Gielen
We kennen Ivan natuurlijk allemaal. Hij was een topspeler en tegenwoordig is hij actief als coach. Hij boekte zijn grootste succes als coach met Oezbekistan door de Olympiade te winnen in 2022. Maar dat is lang niet alles. Hij heeft diverse interessante publicaties op zijn naam staan en talloze boeiende en leerzame video’s geproduceerd. Kortom: hij heeft veel te vertellen!
Kun je me iets meer vertellen over jouw schaakachtergrond? Hoe en wanneer is jouw schaakcarrière begonnen?
Dat is een tijd geleden; dat was in 1974. Het was eigenlijk een normaal verhaal voor iemand uit een schaakfamilie. Mijn vader, Tsenko, ‘Cenko’, was een clubschaker. In die tijd kreeg je pas een rating vanaf 2200, dus hij was zogezegd ‘unrated’. Als ik het zou moeten inschatten, had hij een rating van ongeveer 2000 of zoiets.
Vanaf dat moment begon het allemaal. Ik speelde bij mijn schaakclub en deed in 1975 al mee aan mijn eerste toernooien. Het toeval wil dat Karpov in dat jaar wereldkampioen werd en op bezoek kwam in Sarajevo, de plaats waar ik toen woonde en ook ben geboren. Hij gaf een simultaan en ik speelde remise tegen hem! Dat heeft me een duwtje in de rug gegeven, want ik was pas zeven jaar oud. Zo is het begonnen en vanaf dat moment ging het rollen.
Wat vind je het leukste aspect van schaken?
Ja, dat is een moeilijke vraag. Wat ik een leuk aspect aan het schaken vind, is de strategische opbouw van het spel. En de wisselwerking tussen die strategische opbouw en dynamische afwikkelingen. Maar het gaat natuurlijk, ondanks alle mooie kanten van het spel, wel om het resultaat. Schaken is een sport, want jouw resultaat is meetbaar.
Lees meer »Schaakpuzzel 80
Zwart is aan zet. Wits laatste zet was 31. Dd6-e5 met een duidelijke dreiging. Wat kan zwart er tegenover stellen?
Lees meer »Goed of fout? 12
Al weer een pionneneindspelletje. Wit speelde hier 45. Kg4. De vraag is natuurlijk: deugt deze zet? Het is uiteraard een goed idee om je antwoord te staven met enkele varianten.
Lees meer »Die lastige pionneneindspelen
Deze stelling ontstond na de 46e zet van zwart in een 5+3 blitz partij. Wat is de beste voortzetting voor wit? Hierbij gaat het uiteraard niet alleen om de eerste zet, maar om complete varianten. De opdracht is dus: reken net zo ver totdat je een duidelijke uitkomst hebt.
Lees meer »In de schijnwerpers: Anish Giri

Anish Giri heeft het de afgelopen maanden erg druk gehad. Hij was zeer succesvol in de FIDE Grand Swiss en kwalificeerde zich voor het Kandidatentoernooi. Hij speelde in de World Cup, maar dat liep niet zoals gehoopt, net als bij verschillende andere topspelers. Het is een zwaar en meedogenloos evenement. In dit interview praat Giri over zijn ervaringen in beide toernooien, zijn ideeën over schaken, en nog veel meer. We geven het woord aan Anish Giri!
Kun je jouw ervaringen van de FIDE Grand Swiss met ons delen?
Zeker. Het is alweer een tijdje geleden, en ik kijk met genoegen terug op het behaalde resultaat, aangezien ik me kan voorbereiden op het Kandidatentoernooi. De Grand Swiss was een heel interessant evenement. Ik dacht dat het format van zo’n sterk open toernooi, waarbij slechts twee mensen zich kwalificeren, het slechtste format voor mij was om me te kwalificeren, want meestal verlies ik niet veel partijen, maar ik win ook niet zo veel partijen als sommige van mijn concurrenten.
Normaal gesproken is dit dus niet mijn format, zou men denken. Maar ik moest het toch proberen, want waarom zou je anders komen als je het niet wilt proberen? Ik probeerde zo agressief mogelijk te spelen en zoveel mogelijk overwinningen te boeken.
Het was verbazingwekkend hoe het, met veel geluk, uitpakte. Het was een interessant toernooi, want er was eigenlijk veel frustratie voor me tijdens het toernooi. Je zou denken dat, oké, ik heb veel partijen gewonnen, dus was alles prima? Maar verrassend genoeg, als je goed kijkt, heb ik zoveel kansen gemist in het toernooi. Mijn herinneringen aan het evenement zelf bevatten zeer gemengde gevoelens.
Lees meer »Schaakpuzzel 79
Lichess is een mooie bron voor schaakpuzzels. Wit speelde in deze stelling 36. g3. Is dat goed of fout?
Lees meer »Interview: Erwin L’Ami

Erwin behoort al jarenlang tot de Nederlandse schaaktop. Hij kwam al vroeg met schaken in aanraking en raakte sindsdien verslingerd aan het spelletje. Zijn eerste kampioenschap vierde hij al op twaalfjarige leeftijd, toen hij kampioen werd van zijn club in Woerden. Daarna volgden nog tal van successen in allerlei toernooien. U maakt hier nader kennis met iemand die een boeiend verhaal vertelt met interessante ideeën.
Wanneer ben je begonnen met schaken en wie heeft het je geleerd?
Dat was toen ik ongeveer een jaar of vier was. Naast mijn ouders waren er drie oudere broers thuis. Mijn vader schaakte regelmatig met mijn broers en dan ging ik kijken. Op een gegeven moment begreep ik ongeveer hoe het werkte en wilde ik meedoen. Het is grappig als je bedenkt dat ik de jongste was — mijn broers waren een stuk groter en sterker. Dus verloor ik meestal met dingen als voetbal. Maar met schaken kon ik vrij snel goed meedoen. Het was een enorme stimulans. Magnus Carlsen had iets vergelijkbaars met zijn zus, en dat hij van haar kon winnen. Blijkbaar is dat toch een bepaalde stimulans. Het werkte bij mij ook zo. Ik wilde de hele dag schaken met mijn broer of met mijn vader. Op een gegeven moment dacht mijn vader:
Lees meer »Recensie: Preventing Blunders in Chess
Je hoort schakers wel eens verzuchten: “Als ik niet zoveel fouten zou maken, was ik een veel sterkere speler!” Een of meer fouten in een partij is nog daaraantoe. Die maken we allemaal en hoeven lang niet altijd dodelijk te zijn. Maar blunders? Die doen pijn. Heel veel pijn.
Het is me zelf te vaak overkomen. Het is hilarisch als je bedenkt dat ik ooit blunderde tegen Can Kabadayi, de al meerdere keren bekroonde auteur van deze prima training (o.a. Chessable-auteur van het jaar 2024). Het was in 2015 bij een weekendtoernooi in Malmö. Ik gaf totaal onnodig een loper weg. Dat was, meen ik me te herinneren, een typisch gevalletje van wat de auteur mobility restrictions noemt.
Met de kennis van nu was dat makkelijk te voorkomen. Waar het in deze training om draait, is dergelijke grote en onnodige fouten te voorkomen. Dat kan prima als we onszelf aanleren telkens een korte blundercheck uit te voeren. Hoe dat werkt leer je in deze Chessable-training.
Lees meer »





