Koning in de aanval

Meestal is de koning een beetje een lafbek. Hij verschuilt zich het liefst zo snel mogelijk achter een barrière van pionnen. Over het algemeen kruipt hij pas later, ergens in het eindspel uit zijn schulp om actief aan de krijgshandelingen deel te nemen. 

Toch zijn er wel uitzonderingen op deze vuistregel. Eén van de bekendste voorbeelden is de partij tussen Nigel Short (met wit) en onze landgenoot Jan Timman. Deze partij werd gespeeld in het Interpolistoernooi van 1991. Daar greep de witte monarch beslissend in. Jan Timman moest al na 34 zetjes de handdoek in de ring gooien.

In de partij tussen David Navarra (wit) en Zurab Sturua gingen de stukken in rap tempo de doos in. Vaak is dat een recept voor een snelle remise. Maar niet in deze partij. Wit is aan zet en wint. De hint is na de inleiding wel duidelijk: ook de witte koning eist een rolletje voor zichzelf op. Alhoewel de dame, net als in de partij tussen Short en Timman, de eer krijgt om de genadeslag toe te dienen. Oplossing…

De methode van de eliminatie

Heb jij dat ook wel eens? Ik bedoel dat je naar een schaakpuzzel zit te staren en maar niet op het juiste idee komt om de stelling op te lossen. Daar heb ik in ieder geval wel eens last van. Soms zelfs bij tamelijk makkelijke opgaven. Overigens vertrouwde een sterke speler mij onlangs toe dat hij ook momenten van totale schaakblindheid kent. Dat is dan weer een schrale troost.

De volgende stelling ontstond in een bundesligapartij in 1998 tussen Joerg Schwalfenberg (een FIDE Meester met tegenwoordig een rating van 2298) en Rustam Kasimdzhanov uit Oezbekistan (tegenwoordig met een rating van 2662). Het krachtsverschil was groot tussen de beide heren. Maar in 1998 was de Oezbeek nog niet op zijn top. Dat kwam een paar jaar later in 2004 toen hij wereldkampioen werd.

Overigens was hij een wereldkampioen die niet in de hele schaakwereld erkent werd. De feitelijke wereldkampioen, maar dan niet van de FIDE, was natuurlijk Vladimir Kramnik.  Men kampte nog met de naweeën van het schisma in de schaakwereld. Kasimdzhanov won zijn wereldtitel in een toernooi dat wij het beste kenschetsen als een afvalrace. Of zoals sommige mensen zouden zeggen:

‘Hij was de gelukkige winnaar van een tombola’!

Deze toernooivorm bestaat nog steeds en wordt elke twee jaar georganiseerd onder de naam FIDE World Cup. De beide finalisten verkrijgen het recht om mee te spelen in het kandidatentoernooi. De winnaar van het kandidatentoernooi heeft het recht om de wereldkampioen uit te dagen in een match (zoals het natuurlijk hoort). Kortom: de World Cup is een loodzwaar toernooi, maar toch écht iets anders dan de wereldtitel.

Terug naar de stelling

Wit had zojuist 33. Td8-c8?? gespeeld. Zwart reageerde met 33. – Tc3-c1+ waarop wit zich verdedigde met 34. Pe3-f1. Wit zat al aardig in de knoei, maar de torenzet naar c8 veranderde een slechte stelling in een verloren stelling. De vraag is:

Hoe verzilvert zwart zijn voordeel?

Ik heb deze stelling gevonden op ChessTempo. Als je gebruikmaakt van de betaalde versie, dan krijg je heel wat extra informatie. Bijvoorbeeld:

  • De opgave heeft een standaardrating van: 1676.8
  • Gemiddeld doet men er 5 minuten en 35 seconden over om deze puzzel op te lossen (of een foute zet te doen).
  • Het aantal pogingen was 2131 met een succespercentage van 56.59%

Voordat ik verder ga, stel ik voor dat je zelf de juiste oplossing zoekt. Dat is niet heel erg moeilijk. Tenminste: als je niet zoals ik last hebt van een vlaag van schaakblindheid (vervolg)

Lees meer »

Een schaakje op de verkeerde plek

De diagramstelling is afkomstig uit de rapidpartij Onischuk-Vorontsov (Bank Lviv Rapid Open 2016). Zwart is aan zet. 

De stelling is een beetje ongemakkelijk voor hem. Wit dreigt op c6 te slaan, bijvoorbeeld:

24. – f5

25. Lxc6 Txd1

26. Kxd1 bxc6

27. Pe6 met groot voordeel voor wit.

Zwart besloot tot drastische maatregelen en speelde 24. – Pb4+?? om het twee zetten later op te geven. Waarom is 24. – Pb4+ een misser? Wat had zwart dan wel moeten spelen? Oplossing…

Jezelf op het verkeerde been zetten

Hebben de omstandigheden waarin wij verkeren invloed op onze denkpatronen? Natuurlijk! Ons gedrag is vaak van situaties afhankelijk. Dat is een feit in het dagelijkse leven en het geldt natuurlijk ook voor schaken.

Als je bijvoorbeeld tactische vaardigheden traint via een website zoals Chesstempo dan ga je er bij voorbaat vanuit dat er een combinatie in de stelling verborgen is. En als het dan geen ‘echte’ combinatie is, dan is er toch zeker wel een of ander tactisch grapje.

Zie bijvoorbeeld de eerste stelling met zwart aan zet.  Ik heb hier van alles geprobeerd, maar het lukte me niet om de juiste zet te vinden. Achteraf bezien is het eigenlijk niet eens zo’n moeilijke opgave. ChessTempo geeft deze opgave een rating van 1828,5. Gelukkig zit ik daar ruim boven en dus had ik het goede antwoord moeten vinden. Lees verder…Lees meer »

Beginnen met het eindresultaat in gedachten

Zelfs met weinig stukken op het bord kunnen schaakpuzzels nog behoorlijk lastig zijn. Neem deze stelling. Het kan toch niet moeilijk zijn om dit puzzeltje op te lossen? Dat is binnen een oogwenk gebeurd. Of toch niet?

Ik los elke dag enkele puzzels op via chesstempo. Ik zag deze puzzel voor de tweede keer. Ik meen dat ik hem al eens eerder was tegengekomen bij chess.com. Dus mag het vinden van de juiste oplossing weinig moeite kosten?Lees meer »