Kijken, denken en dan pas zetten

Stelling 1

Wanneer kinderen leren schaken krijgen ze van hun trainers talloze adviezen. Een bekend advies is “ga op je handen zitten”. Het is zo’n advies wat wij op jonge leeftijd nonchalant in de wind slaan. En dus leren wij onszelf verkeerde gewoontes aan.

Met als gevolg “jong geleerd, oud gedaan”. Ook ervaren schakers doen soms zetten zonder goed te kijken en na te denken. Het is iets wat ons allemaal overkomt.

Het advies om op je handen te gaan zitten is goed bedoeld. Maar wel een beetje beperkt. Want je moet natuurlijk meer doen nadat je tegenstander heeft gezet. Denk aan:

  • Wat er is veranderd in de stelling?
  • Welke zetten kan mijn tegenstander doen die hij eerder niet kon spelen?
  • Dreigt er iets?
  • Wat is mijn tegenstander van plan?
  • Moet ik daar op reageren?
  • Of kan ik zelf iets ondernemen?
  • En dan pas: wat kan (moet) ik spelen?

Het devies is dus niet om op je handen te gaan zitten, maar om eerst goed te kijken, daarna na te denken en vervolgens pas te zetten. Wat kan er misgaan wanneer dit advies negeert?

Lees meer »

Je elo met een paar honderd punten opkrikken? (1)

1. Karpov-Bareev (Linares 1994)

Heb jij enig idee hoe de gemiddelde clubschaker zijn Elo-rating zonder idioot veel inspanning met ruwweg 200 punten kan verhogen? Moet hij daarvoor als een bezetene tactische puzzels oplossen? Zijn tegenstanders te slim af zijn met de laatste openingsnieuwtjes? Of zit er niks anders op om toch nog maar een keer dat boek over strategische concepten door te ploegen?

Dat zijn uiteraard allemaal zaken waarmee iedereen zijn schaakvaardigheden naar een hoger niveau kan tillen. Maar verwacht er geen wereldschokkende wonderen van. Zoiets is een project voor de langere termijn. Niet iedereen heeft er de tijd of energie voor.

Je vraagt jezelf onwillekeurig af: is er misschien een makkelijkere manier om meer puntjes bij elkaar sprokkelen? Die is er. Hoe dat werkt? Je leest het in een serie artikelen die de komende tijd op dit blog verschijnen.

Lees meer »

Blijf met je tengels van mijn pion af!

Ik moet je wat bekennen. Ik ben nogal behoudend ingesteld. En vind het dus heel vervelend wanneer iemand mij al direct in de opening een pion ontfutseld. Gambieten zijn niet zo mijn stijl. Stel dat wij elkaar ooit op de 64 velden ontmoeten, dan is de kans minimaal dat ik je binnen tien zetten een pion cadeau geef. Tenzij ik blunder natuurlijk.

Toch kom ik er met mijn openingsrepertoire niet helemaal onderuit. Ik speel namelijk Catalaans. Dat is een oersolide opening. Over het algemeen mag wit daarbij, met goed spel van beide zijden, op een klein plusje rekenen.

Hoewel het een uitermate complexe opening is, met talloze varianten, gaat het er meestal niet heel erg heftig aan toe. De strijd brandt echter wel in volle heftigheid los wanneer zwart de pion op c4 van het bord hakt en probeert dit kleinood te behouden. Bijvoorbeeld: …..?Lees meer »

Wij zijn geen schaakcomputers

Lalic_MurchadhaZou jouw oordeel of gevoel over een stelling, invloed hebben op de zetten die je doet? De vraag stellen is hem eigenlijk beantwoorden.

Natuurlijk heeft je oordeel over een stelling invloed op het partijverloop. De context waarin wij opereren is vaak bepalend hoe wij met bepaalde situaties omgaan. Stel je hebt het idee duidelijk beter te staan. Dan is het logisch dat je zoekt naar zetten die jouw stelling versterken, of de partij in je voordeel kunnen beslissen.

Zoiets kan behoorlijk verblindend werken. Ik ben ontelbare keren slachtoffer geweest van de roze bril die ik zelf opzette. In plaats van naar zetten te zoeken die de stelling consolideren, zoek je naar mogelijke winstvarianten. Je vindt ze niet en uiteindelijk doe je tegen beter weten in toch een zet in de ijdele hoop dat het je voordeel oplevert. Aardige kans dat het averechts werkt en jouw stelling als een kaartenhuis in elkaar dondert.Lees meer »