Recensie: Begrijp wat je doet: deel 2 – Damegambiet structuren

Boeken over schaakopeningen zijn vreselijk populair. Je kunt jezelf afvragen waarom. Hebben wij soms de heimelijke wens om onze tegenstanders al in een vroeg stadium te slim af zijn? Of is het vanwege de angst om al na een zet of tien tegen een ruïne aan te moeten kijken? Leidt zo’n openingsboek werkelijk tot meer begrip en betere resultaten?

In dit verband moet ik je iets bekennen. In de loop der tijd heb ik heel wat boeken van mijn favoriete openingen verzameld. Maar écht gelezen heb ik ze niet. Nu kan ik met een zelfgenoegzame glimlach beweren dat ik ze als naslagwerk gebruik. Maar zelfs dat is een schromelijke overdrijving. Ze staan grotendeels stof te happen in mijn boekenkast.

Variantendoolhof

Het probleem dat ik met de meeste openingsboeken heb is dat ze de lezer overstelpen met metersdikke variantenbomen. En alsof dat niet genoeg is, ook nog eens subsubvariantenbomen van subvariantenbomen. De lezer ziet al gauw door de bomen het bos niet meer. Al die varianten nodigen niet uit tot even lekker lezen of naspelen. Op deze manier schaakopeningen bestuderen voelt als het uit je hoofd leren van een woordenboek. (verder lezen…)Lees meer »

Voor wie zijn schaakboeken geschreven?

Nimzo-indian-move-by-moveAls je bent zoals ik, dan heb je vast een redelijk aantal schaakboeken in je boekenkast staan die je nooit hebt uitgelezen. Erger: je bent in sommige boeken wellicht nooit écht begonnen. Hoe komt dat? Je koopt boeken toch niet alleen voor ‘de heb’? Nee toch?

Natuurlijk niet. Over het algemeen kopen wij boeken in de veronderstelling er iets van te kunnen leren en om er plezier aan te beleven. Helaas zit dat er met enige regelmaat niet in. Wat is er aan de hand?

Zelf ben ik de auteur van zes boeken. De meeste boeken waren (en zijn het nog steeds) succesvol en eentje mag ik gerust een bestseller in zijn genre noemen. Overigens hebben die boeken niets met schaken te maken. Het onderwerp van deze boeken is verkopen en marketing. Maar dat terzijde.

Derdegraads verhoor
Toen ik voor het eerst in contact kwam met een uitgever begon hij mij allerlei lastige vragen te stellen. De kern van zijn vragenstellerij was: (verder lezen…)Lees meer »

Schaakboeken lezen op je tablet

iTunes-NewInChessStoreNEWHet zal een jaar of vijf, zes geleden zijn, toen ik mijn eerste eReader kocht. Ik weet het niet helemaal zeker, maar volgens mij was amazon.com een van de eersten die er mee op de markt kwam. De Kindle was geboren. Welkom in een nieuw tijdperk!

Ik was meteen ‘om’ toen ik mijn eerste boeken op de eReader las. De voordelen zijn evident. Je hoeft nooit meer met boeken te sjouwen. Je hoeft ook niet meer te wachten totdat je een boek in huis hebt. Want bestellen en bezorgen gaat tegenwoordig via de wi-fi en niet meer via tante post. En, het belangrijkste, je hebt je favoriete boeken altijd bij de hand, waar je ook bent.

Inmiddels zijn er ook diverse schaakboeken beschikbaar op de Kindle. Maar dat is toch niet helemaal wat je als schaker zoekt. Die boeken zijn statisch. Het zou toch ideaal zijn wanneer je partijen direct kunt naspelen en de diagrammen gewoon bewegen, zoals op het internet al een tijdje gebruikelijk is? NewInChess en e+Chess Books hebben deze leemte opgevuld. Je kunt nu ook schaakboeken via een app kopen en afspelen op je tablet of telefoon!Lees meer »

Recensie: The world champions I knew

the_world_champions_I_knewDe meesten van ons kennen de groten van de 64 velden via hun schaakpartijen. De enthousiaste schaker die ook wel eens een toernooi bezoekt kan een glimp opvangen van de grote meesters.

In een enkel geval hebben wij deze goden van nabij mogen aanschouwen en als je geluk hebt zelfs een partij tegen zo iemand gespeeld. In een simultaan wel te verstaan. Maar zelden of nooit krijg je de kans de meester echt te spreken.

Het ligt niet aan deze schakers, maar aan de omstandigheden. Veel van de topschakers zijn zeer toegankelijke mensen. Ik heb het zelf ervaren in de tijd van het Interpolis schaaktoernooi. Via een kruiwagen had ik toegang tot de perszaal en het heilige der heiligen: de toernooizaal.

Wanneer de grootmeesters klaar waren met hun partij wandelde ik mee om de post mortem te aanschouwen. Niemand deed moeilijk of stelde lastige vragen. Wanneer je dan naar een zet vroeg, kreeg je vriendelijk antwoord. Natuurlijk nooit het antwoord waarop je zat te wachten. Je hoopte dat zo’n topper meteen zou inzien wat voor een briljante gedachte je opperde. Maar meestal was het, tot mijn grote teleurstelling, een zeepbel. Dat terzijde. Maar die mensen écht kennen? Het is weinigen gegeven.Lees meer »