Gepriegel

Soms is het nog een heel gedoe voordat je iemand mat kunt zetten. Zie het diagram. Zwart is aan zet. Hij heeft de witte koning in een hoek gedreven. Maar dat betekent nog niet dat wit zomaar mat gaat. Soms is dat nog best een hele hoop gepriegel. 

Ik moet bekennen dat het me nog heel wat moeite kostte omdat ik aanvankelijk op het verkeerde paard wedde. Maar gelukkig zag ik mijn misser op tijd in en behoor toch nog tot de 50,09% die de puzzel correct heeft opgelost.

Mat zetten is de enige kans voor zwart. Want als het hem niet lukt de witte monarch een kopje kleiner te maken, verschijnt er aan de andere kant van het bord een nieuwe dame. En daarna valt het doek onverbiddelijk voor zwart. Hoe wast zwart dit varkentje? Oplossing…

Lees meer »

Verraderlijk eindspel

Hoe minder stukken op het bord, des te makkelijker het wordt? Nou niet direct. Neem nou deze stelling. Wit heeft zojuist 41. Tc2-c1 gespeeld. Het lijkt een onbegrijpelijke zet, want het ligt toch veel meer voor de hand om de toren op de tweede rij te houden? Het is toch een stuk hardnekkiger dan Tc1?

Maar wellicht is wit’s 41e zet toch wel begrijpelijk. Mogelijk heeft hij de zwarte reactie over het hoofd gezien. Overigens kan zwart ook in het geval van bijvoorbeeld 41. Tc2-Tf2 uiteindelijk binnendringen op de tweede rij. Maar dan heeft wit in ieder geval nog wat tegenspel. Nu kan zwart het snel uitmaken. Hoe?

Rating: 2038.4
Gemiddelde oplostijd: 5:21
Aantal pogingen: 737
Succespercentage: 48.03%

Een veelzijdig paard

Dit is een fragment uit de partij Tal – Panno. Mikhail Tal staat bekend om zijn scherpe tactische spel. Men noemde hem niet voor niets de tovenaar van Riga. Hij ging eind jaren vijftig van de vorige eeuw als een speer naar de wereldtop.

Hij won in 1959 het kandidatentoernooi en verkreeg het recht om de toenmalige wereldkampioen Botwinnik uit te dagen. Tal won deze match overtuigend met 12,5 – 8,5. Lang heeft hij niet van zijn wereldtitel kunnen genieten.

Botwinnik kreeg zijn revanche een jaar later. Tal verloor deze match duidelijk met 13 – 8. Waarschijnlijk was zijn slechte gezondheid daarvan de oorzaak. Tal kwakkelde trouwens zijn hele leven met zijn gezondheid. Zijn ongezonde levensstijl hielp daarbij ook niet. Hij overleed in 1992 op 55 jarige leeftijd aan een nierziekte.

De offers van Tal waren niet allemaal even corrct. Maar vaak toch wel voldoende om de winst naar zich toe te trekken omdat zijn tegenstanders er vaak niet goed uitkwamen. Dit offer is echter door en door correct. Wit speelt en wint. Oplossing…

 

Blijf met je tengels van mijn pion af!

Ik moet je wat bekennen. Ik ben nogal behoudend ingesteld. En vind het dus heel vervelend wanneer iemand mij al direct in de opening een pion ontfutseld. Gambieten zijn niet zo mijn stijl. Stel dat wij elkaar ooit op de 64 velden ontmoeten, dan is de kans minimaal dat ik je binnen tien zetten een pion cadeau geef. Tenzij ik blunder natuurlijk.

Toch kom ik er met mijn openingsrepertoire niet helemaal onderuit. Ik speel namelijk Catalaans. Dat is een oersolide opening. Over het algemeen mag wit daarbij, met goed spel van beide zijden, op een klein plusje rekenen.

Hoewel het een uitermate complexe opening is, met talloze varianten, gaat het er meestal niet heel erg heftig aan toe. De strijd brandt echter wel in volle heftigheid los wanneer zwart de pion op c4 van het bord hakt en probeert dit kleinood te behouden. Bijvoorbeeld: …..?Lees meer »

Een pionnetje dat zwaar op de maag ligt

Als iemand je een kadootje aanbiedt, is het niet netjes om dit af te slaan. Tenminste, zo gaat dat vaak in het sociale verkeer. Dan vindt men je neus voor een presentje ophalen ‘niet aardig’.

Alhoewel ik ook wel eens iets heb gekregen waarvan ik dacht ‘wat moet ik daar nou toch weer mee?’ Kortom: kadootjes maken ons niet altijd gelukkig. 

In het schaken zal niemand het je kwalijk nemen als je dergelijke presentjes afslaat. Dat hoort er een beetje bij. Maar soms kunnen wij het toch niet laten om de geste dankbaar te accepteren. Met af en toe bijzonder nare gevolgen.

Want een kadootje dat je op je verjaardag hebt gehad en niet zo erg ziet zitten, kun je altijd nog weggooien of aan iemand anders geven. Maar helaas werkt het bij een schaakpartij ietsje, pietsje anders.

Zie het diagram. Wit had een gulle bui en offerde met 30. b5 een pion. Zwart accepteerde deze geste met 30. – bxc6?? 31. bxc6 Qxc6. Nu ben jij aan de beurt: wit speelt en wint! Oplossing…

Een elegant slotakkoord

Wanneer jouw tegenstander het Londense systeem tegen je speelt, moet je goed weten hoe je dit aanpakt. Want als je het even verkeerd doet, is de kans groot dat wit korte metten met je maakt. Dit is een typerend voorbeeld.

Kenmerkend voor het Londense systeem zijn de zetten 1. d4 2. Pf3 en 3. Lf4. Wit kiest er voor om de c-pion nog even rustig te laten staan. Deze gaat meestal pas later naar c3. Je krijgt dan een soort van Slavische structuur. Maar dan met wit in plaats van zwart.

De witte loper gaat vervolgens naar d3 en kijkt al heel verleidelijk naar pion h7. Het paard verhuist van b1 naar d2 en staat klaar om zijn collega op f3 te hulp te schieten zodra deze zich in het strijdgewoel begeeft.

Het Londense systeem is uitermate solide. Een ander voordeel is dat wit weinig theorie hoeft te kennen. Hij kan dit systeem tegen diverse zwarte antwoorden op 1. d4 spelen. Bovendien zit er het nodige venijn in deze opstelling. Dat blijkt weer eens uit de partij in de diagramstelling.

Je kunt deze partij in z’n geheel naspelen. Op die manier zie je hoe wit zijn aanval opbouwt. Let er vooral even op dat zwart niet de beste verdediging heeft gekozen. Hij verzuimde de diagonaal van de witte loper op c2 te verstoppen.

In de slotstelling is het helemaal afgelopen. Zie jij hoe wit de partij binnen enkele zetten, op elegante wijze, beslist? Klik op deze link en je vindt de hele partij met de oplossing…