
En wat zijn dan wel de voordelen voor de verdediger? Ten eerste dat de verdediging in een aantal gevallen van een verbijsterende eenvoud is. En dat de aanvallende partij het voor elkaar moet boksen om de koning weg te jagen van het promotieveld. Maar daarmee houden de voordelen voor de verdediger wel zo’n beetje op. (verder lezen)
De verdediger houdt stand
De makkelijkste situatie vind je in het eerste diagram. Hier wegen de voordelen voor de verdediger veel zwaarder dan voor de aanvaller. Het maakt niet uit wie er aan zet is. De stelling is en blijft, uiteraard bij correct spel, remise. Zwart speelt gewoon zijn toren heen en weer op de achterste rij. Dan is er geen vuiltje aan de lucht. Je vindt hier een voorbeeld.
Het is overigens net zo potremise met een pion op de g-lijn. Ook dan blijft zwart stoïcijns met zijn toren op de achterste rij schuiven totdat beide partijen er doodziek van zijn. Dat laatste uiteraard om heel verschillende redenen!
De verdediger gaat kopje onder
Wit speelt 1. Th7. Hier komt een van de nadelen waarover ik het eerder had naar voren. Wit dreigt mat. Dus moet zwart reageren. De enige zinnige zet is 1. – Kg8 (na 1. – Ke8 verliest hij de toren). Helaas biedt dit ook geen soelaas omdat wit nu verder gaat met 2. f7+ en de rest is te simpel om veel woorden aan vuil te maken. Je vindt hier een voorbeeld. Ik kan je na alvast verklappen dat deze stelling voor zwart verloren is. Het maakt daarbij niet uit wie er aan zet is.
Hoe zit het met andere pionnen?
Je voelt nu wel aan dat het voor zwart net zo verkeerd afloopt met een pion op de e-lijn. Idem dito als wij de stelling nog verder naar links verplaatsen. Ook dan wint dezelfde torenmanoeuvre. Uiteraard totdat de pion aan de rand staat. Dan is het, als de verdedigende toren ergens rechts staat (bijvoorbeeld wit: Kb6, Th6, pi a6 en zwart Kb8 Tg8) weer remise. Dat is de vloek van de randpion!
Alle afleveringen uit deze serie:
- Wat elke schaker van toreneindspelen moet weten (1)
- Wat elke schaker van toreneindspelen moet weten – Lucena positie (2)
- Wat elke schaker van toreneindspelen moet weten – De Philidor positie (3)
- Wat elke schaker van toreneindspelen moet weten – Voorbij de Philidor positie (4)
- Wat elke schaker van toreneindspelen moet weten (5) – de methode van Karstedt
